Deze parabel spreekt vooral kinderen aan en heeft een onmiskenbare boodschap. In het verhaal heeft de twijfelende rups een diepe, vermoeide stem. Misschien herken je de rups zelfs als je dit leest - dat doen veel mensen.
Het was een drukte van belang in het bos, en onder het dichte bladerdak van het struikgewas sprak de grote, harige rups tot zijn schare van volgelingen. Er was niet veel veranderd in de rupsengemeenschap. Het was de taak van de grote, harige rups om over de groep te waken, zodat alle oude gebruiken werden gerespecteerd en in ere werden gehouden. Ten slotte waren die heilig.
'Het gerucht doet de ronde' 'zei de grote, harige rups terwijl hij zijn maaltje van bladeren zat op te peuzelen, 'dat er een bosgeest is die alle rupsen een spectaculair voorstel doet' Tsjomp-tsjomp. 'Ik heb besloten om deze Geest te ontmoeten en jullie te adviseren over wat we moeten doen'.
'Waar ga je de bosgeest ontmoeten?'vroeg een van de volgelingen.
'Hij komt naar mij toe', antwoordde de grote, harige rups. 'Ten slotte kan ik niet ver reizen, weet je. Buiten het bosje is niet veel eten te vinden. En ik kan niet zonder eten' Tsjomp-tsjomp.
Dus toen de grote rups weer alleen was, riep hij luid om de geest van het bos, die kort daarop groot en rustig voor hem stond. De bosgeest was mooi, maar veel van hem bleef verborgen, omdat de rups niet wist hoe hij zijn knusse bladerbedje moest verlaten.
'Ik kan je niet goed zien', zei de grote rups. 'Kom een beetje hogerop, zei de bosgeest vriendelijk. 'Ik ben hier om je te ontmoeten' Maar de rups bleef zitten waar hij zat. Ten slotte was dit zijn huis, en kwam de bosgeest alleen maar bij hem op bezoek.
'Nee, dank je', zei de rups. 'Veel te lastig. Vertel me eens, wat hoor ik over een groot wonder waar alleen rupsen van kunnen profiteren, en niet mieren of duizendpoten?'
'Dat is waar', zei de geest van het bos. 'Jullie hebben een fantastisch cadeau verdiend. En als jullie het willen hebben, zal ik je vertellen hoe jullie het kunnen krijgen'.
'Waarom krijgen we een cadeau?' vroeg de rups, aan zijn derde blaadje beginnend.'Ik kan me niet herinneren dat ik iets heb getekend.’
'Jullie krijgen een cadeau omdat jullie zo goed jullie best hebben gedaan om het bos netjes te houden', zei de geest.
'Nou en of we ons best doen', riep de rups uit. 'Elke dag. Ik ben de leider van de groep, weet je. Daarom praat je ook met mij in plaats van met zomaar een rups' Om deze reactie moest de bosgeest glimlachen, maar dat kon de rups niet zien omdat hij had besloten zijn blad niet te verlaten.
'Ik hou het bos al een hele tijd netjes', zei de rups.'Wat krijg ik?'
'Het is een geweldig cadeau', antwoordde de geest. 'Omdat jullie zo je best hebben gedaan, mogen jullie veranderen in prachtige dieren met vleugels. Dan kunnen jullie vliegen! Jullie krijgen beeldschone kleuren, en iedereen zal versteld van jullie staan. En in het bos kunnen jullie op alle plekken komen omdat jullie kunnen vliegen. Jullie zullen overal eten kunnen vinden en andere dieren met vleugels kunnen ontmoeten. En als je wilt, zal het meteen gebeuren. '
'Rupsen die vliegen', mompelde de harige rups. 'Ongelooflijk! Als dat waar is, moet je me maar wat van die vliegende rupsen laten zien. Ik wil ze zien'.
'Dat kan', zei de geest. 'Als je naar een hoge plek klimt en om je heen kijkt. Ze zitten overal en vliegen van tak naar tak. Ja, ze hebben een goed leven in de zon'.
'Zon!' riep de rups uit. 'Als je echt de bosgeest bent, weet je toch dat de zon te heet voor ons, rupsen, is? Hij verschroeit ons en is niet goed voor onze haren, weet je... we moeten in het donker blijven - er bestaat niks ergers dan een rups met uitgedroogde haren'.
'Als je in een dier met vleugels verandert, zal de zon je nog mooier maken', zei de bosgeest vriendelijk en geduldig. 'Jullie leventje zal drastisch veranderen. Jullie zullen jullie oude rupsenmanieren op de bosgrond achterlaten als jullie gaan vliegen'.
De rups zweeg een tijdje.'Wil je dat ik mijn comfortabele bedje achterlaat en naar een hoge plek in de zon klim om het bewijs te zien?'
'Als je bewijzen nodig hebt, moet je dat doen', zei de geduldige geest.
'Nee', zei de rups. 'Onmogelijk - ik moet eten, weet je. Ik kan toch niet naar onbekende plekken in de zon klimmen als hier zoveel werk te doen is? Veel te gevaarlijk! Ms je echt de bosgeest zou zijn, zou je weten dat rupsen altijd naar beneden kijken, niet naar boven. De grote geest van de Aarde heeft ons goede ogen gegeven die omlaagkijken zodat we eten kunnen vinden. Dat weet elke rups. Wat je vraagt, is niet erg rupsachtig'. zei de steeds wantrouwiger wordende rups. 'We kijken niet vaak naar boven' ' Hij zweeg even. 'Hoe kunnen we dat vliegende ding worden?'
Daarop legde de bosgeest hem uit hoe het veranderingsproces in zijn werk zou gaan. Hij zei dat de rups gemotiveerd moest zijn om te veranderen, want er zou geen weg terug zijn. Hij legde hem uit hoe de rupsen hun eigen biologie gebruiken als ze in een cocon zitten om in vliegende dieren te veranderen. En dat de verandering een offer van hen zou vragen, omdat ze een tijdje in de donkere cocon moesten zitten voordat ze mooie, kleurige, vliegende wezens zouden worden. De rups luisterde, kauwend op zijn blaadje, geduldig toe en onderbrak de bosgeest niet.
'Dus als ik het goed begrijp, zei de rups eindelijk oneerbiedig, 'wil je dat we een beetje gaan liggen en ons overgeven aan iets biologisch waarvan we nog nooit hebben gehoord. En dat we daarvoor maandenlang in het donker gaan zitten'.
'Ja', antwoordde de bosgeest, maar al te goed wetend wat er zou komen.
'En kun jij, de grote bosgeest dat niet voor ons regelen? Moeten we het zelf doen? Ik dacht dat we een cadeau hadden verdiend!'
'Dat hebben jullie ook', zei de geest rustig. 'En jullie hebben ook het vermogen verdiend om jullie zelf in de nieuwe bosenergie te veranderen. Al die mogelijkheden zitten in jullie lichaam, zelfs al zitten jullie alleen maar op jullie blaadjes'.
'Wat gebeurde er op de dagen dat er eten uit de hemel viel, de wateren uiteengingen en de muren van de grote steden instortten - en dat soort dingen? Ik ben niet gek, weet je. Ik mag dan wel groot en harig zijn, maar ik ben niet van gisteren. De geest van de Aarde doet het grote werk, en we moeten allemaal zijn instructies opvolgen. Als we zouden doen wat jij vraagt, zouden we omkomen van de honger. Elke rups weet dat hij de hele tijd moet eten..'' Tsjomp-tsjomp. ' ... om in leven te blijven. Jouw voorstel klinkt me behoorlijk verdacht in de oren'.
De rups dacht even na en besloot: 'En nu wegwezen'. Hij draaide zich om naar het volgende blaadje. De bosgeest vertrok kalm zoals hem werd verzocht. Hij hoorde de rups nog mompelen: 'Vliegende rupsen! Ik ben niet gek!'Tsjomp-tsjomp.
De volgende dag riep de rups zijn volgelingen bijeen voor een vergadering. Alle rupsen zwegen om te horen wat de grote, harige rups over hun toekomst te zeggen had.
'De geest van het bos is duivels!'riep de rups tegen zijn volgelingen. 'Hij wil ons naar een donkere plek lokken waar we dood zullen gaan. En hij wil dat we geloven dat we daar op de een of andere manier in vliegende rupsen zullen veranderen - we moeten alleen een paar maanden stoppen met eten!' Alle rupsen begonnen te gieren van het lachen.
'De geschiedenis en ons gezonde verstand toont ons aan hoe de grote geest van de Aarde altijd te werk gaat', vervolgde de grote rups. 'Een goede geest zal je nooit meenemen naar een donkere plek! Een goede geest zal je nooit vragen om in je eentje iets goddelijks te doen! Het zijn allemaal trucs van de grote, duivelse bosgeest' De rups zwol op van gewichtigheid en vervolgde: 'Ik heb de duivel ontmoet en ik heb hem herkend!' De andere rupsen lieten een goedkeurend gemompel horen, droegen de grote, harige rups op hun kleinere, harige ruggetjes in het rond en gaven hem complimentjes omdat hij hen van een wisse dood had gered.
Uit: “De parabellen van Kryon”